Categorie archief: Afscheid

Een stuk advies – fwiw

Het nemen van afscheid en de voorbereidingen om te vertrekken zijn in volle gang.

Het is een interessant proces om te volgen, en mijn vrouw en ik proberen het heel bewust en ook samen te beleven.

Natuurlijk reflecteer je ook terug op alles wat gebeurd is, en dat is ook boeiend. Stemt tot blijheid, ook weleens tot (weemoedige) vragen.

Laatst werden we gevraagd een stuk ‘advies’ te geven aan voorgangers en kerken die we hier achter laten. Dat is, natuurlijk, niet iets wat je zomaar doet. Wie zijn wij? Maar het was een vertrouwde omgeving, we voelden ons veilig en we konden ook iets bedenken.

Mijn gedachte was het volgende: er wordt nu veel gesproken over missionair gemeente zijn. De aard van de gemeente is missionair, de kerk moet haar missionair zijn, roeping en taak uitdragen. De conferentie van vorige week in Berlijn met, o.a., Keller en Paas, was daar een voorbeeld van.

Maar – hier komt ie – als de voorganger zelf geen niet-kerkelijk vrienden heeft, zijn of haar leven niet met mensen buiten de kerkelijke kringen deelt, niet in staat is tijd vrij te maken in de agenda om contacten mogelijk te maken en vriendschappen op te bouwen, dan zal er weinig van terecht komen in de gemeente.

De voorganger heeft hier een voorbeeldfunctie. En dat niet alleen. Pas als jij zelf geworsteld hebt met hoe authentiek christen te zijn met gewone mensen in de gewone wereld, zal je in staat zijn je gemeenteleden daarin toe te rusten.

Het is niet zo moeilijk. Iedereen kan het. Het enige wat nodig is om er tijd voor vrij te maken in de agenda, en dan ook werkelijk lid te worden van de club of vereniging; samen een biertje te pakken, een weekendje te gaan wandelen, samen op vakantie te gaan, of whatever.

Het advies van mijn vrouw was nog eenvoudiger: vergeet niet de vreugde op te zoeken in wat je doet en waar je mee bezig bent.

Alsjebleift.

(fwiw= for what it’s worth)


Woestijntenten en stenengebouwen

Van woestijntent naar stenengebouw’ stond op de cover van het blad Opbouw dat gisteren bij mij op de mat viel. Opbouw is het opinieblad voor de Nederlands Gereformeerde Kerken.

Die woorden prikkelden mij, omdat ik nu in mijn leven bezig ben met een tegenovergestelde beweging – van stenengebouw naar woestijntent. Het zal, trouwens, meevallen met die woestijn en die tent, maar je snapt me wel.

Deze woorden zijn uitgesproken door een predikant van de NGK aan het eind van de Landelijke Vergadering (Synode) van de NGK die recentelijk gehouden is. Vroeger beleefden de NGK een woestijnperiode, zei de predikant. ‘Nu is dat wel anders. We bewonen geen tenten meer, maar hebben het vaste gebouw van het AKS (de kerkorde van de NGK) betrokken waaraan we deze maanden weer een paar stenen stevig vastgemetseld hebben’.*

Theologie is autobiografie, heb ik jaren geleden geleerd. Mijn eigen levensfase bepaalt nu dus ook hoe ik deze beeldspraak versta. Uiteraard is het hartstikke goed als dingen goed geregeld zijn, en er zijn ook genoeg beelden in de Bijbel die spreken van stenengebouwen die gebouwd worden (Ef 2:19-22, bv).

Een ander Bijbels beeld wordt door Jezus uitgesproken: ‘De vossen hebben holen en de vogels hebben nesten, maar de Mensenzoon kan zijn hoofd nergens te ruste leggen.’ En het hoofdstuk over de geloofshelden van weleer zet een beeld van woestijntochten neer: ‘Ze zwierven rond in schapenvachten of geitenvellen, berooid, vernederd en mishandeld. Ze doolden door verlaten oorden en berggebieden en verscholen zich in grotten en holen onder de grond. Ze waren voor de wereld te goed.’

Het is een spanningsveld, zonder enige twijfel.

En dan al helemaal als je verderop in hetzelfde blad de column van drs. Menko Biewenga leest, waarin hij missionair predikant Arjan Markus citeert uit het blad Kontekstueel (zonder commentaar van hemzelf, trouwens):

Heb je voor gemeenschap een predikant of kerkelijke werker nodig? Niet noodzakelijk, lijkt mij. (…)

Als er geen kerkgebouw meer is, dan worden samenkomsten van de gemeenschap wellicht geen kerkdienst meer in onze klassieke vorm. Is dat erg, of kan het ook zonder? Ik zou het zelf erg missen, maar het kan zonder. Laten we eerlijk zijn: kerkdiensten zijn ook niet de meest ideale vorm om gemeenschap te stichten. (…)

Is er voor onderwijs en de verkondiging een kerkgebouw nodig? Nee, net als gemeenschap kan ook het onderwijs en de verkondiging in een andere ruimte. Is er voor onderwijs en verkondiging een professional als de predikant nodig? Ik denk niet dat de ontsluiting van de traditie en de uitleg van de Schriften en de verkondiging van Gods genade is voorbehouden aan geschoolde theologen.*

Mijn vrouw en ik kiezen er op dit moment voor om verschillende gebouwen achter ons te laten en op reis te gaan. Dat maakt ons niet beter dan een ander, we begrijpen de noodzaak om gebouwen van kwaliteit neer te zetten, en we wensen kerken die zich door Gods Geest geroepen voelen stenengebouwen te bouwen alle zegen toe.

Ik hoop en bid dat die gebouwen straks niet leeg komen te staan. Maar ergens ben ik er niet gerust op.

Ik ben benieuwd naar jullie gedachten!

* Voor de volledigheid: deze predikant voegt er ook aan toe: ‘Overigens speelt het echte leven van de kerk zich niet af op een Landelijke Vergadering, maar thuis, in de plaatselijke gemeenten’.

* Voor de volledigheid: ds Markus pleit wel voor de inzet van academisch geschoolde predikanten – ‘je kunt denken aan rondreizende predikanten, die verbonden zijn aan een grote gemeente met een regiofunctie’.


Afscheid

Gisteren nam ik, op begraafplaats Zorgvlied in Amsterdam, samen met een paar honderd andere mensen, afscheid van AA.

AA, zoals altijd onder haar briefjes en rapportages stond, is maar 59 geworden. Zij laat haar man, drie volwassen kinderen, familie en vrienden, en veel verslagen collega’s van de Dienst Werk en Inkomen van Amsterdam (voormalige Sociale Dienst) achter.

Haar man vertelde hoe zij, in de laatste momenten van haar leven, worstelend met de drempel tussen leven en dood, de kracht kon opbrengen om haar liefde voor haar gezin duidelijk uit te drukken. Haar kinderen vertelden één voor één dat zij de liefste mama van de wereld was. Dat zeggen kinderen vaak op een begrafenis. Door de herinneringen die opgebracht werden en de emoties die los kwamen wisten we dat wat ze zeiden waar was.

Een collega en medewerker van één van de teams waarvan AA cheffin was, deed ons met een traan en een brok in de keel terugdenken aan hoe uniek zij was als cheffin, hoeveel we van haar hielden, en zij van ons. De door haar opgerichte leesclub liet ons haar opgewekte stem nog een keer horen: “Hello, ladies!”

Met dit afscheid neem ik afscheid van één van de meest boeiende periodes van mijn leven – mijn jaren als bijstandsconsulent bij de DWI. Een multi-culti werkomgeving, waarbinnen we ons inzetten voor degenen in Amsterdam die werkelijk hulpbehoevend zijn. Doordat je met de moeilijke omstandigheden van soms moeilijke mensen bezig bent, raak je verbonden met elkaar en je wordt bijna familie van elkaar.

Zoals bij elke familie, vind je niet iedereen even leuk en aardig en je hebt soms knallende ruzie.

Maar de kracht van AA’s liefde en toewijding bond ons gisteren weer samen, persoonlijk als collega’s maar ook in de doelstelling waar we ons voor inzetten. Dat we elkaar in jaren niet meer gezien hadden, en als ik eerlijk ben, er allemaal een dagje ouder uit zijn gaan zien (op Peter na), deed er niet toe.

Het afscheid van gisteren is één van de eerste dat dit jaar door mij genomen moeten worden. Want mijn vrouw en ik hebben besloten om aan het eind van dit jaar te remigreren naar ons geboorteland, na meer dan 21 jaren in Nederland gewoond en gewerkt te hebben. Het afscheid van gisteren is een voorproefje van hoe het zal zijn voor ons om ons werk en leven hier achter te laten.

We nemen afscheid van veel verschillende mensen, waar we in familiale verbondenheid door de gewone en bijzondere momenten van het leven met elkaar zijn gegaan, en waar we soms ook ruzie mee hebben gehad. Lief en leed…, zegt men dan.  En zo is het.

Zoals de man van AA gisteren zei – wij gaan het afscheid niet makkelijk maken. We gaan het voelen. Je denkt dan in eerste instantie aan de pijnlijke en moeilijke kanten, die er wel degelijk zijn en nog moeten komen.

Maar de positieve energie van AA barstte door het verdriet heen. Het deed  ons allemaal lachen, elkaar omhelzen en liefhebben.  Zo willen wij, in deze maanden van afscheid nemen, energie krijgen om de toekomst tegemoet te gaan, wat dat ook voor ons en voor jullie in gaat houden.

Wij nodigen jullie van harte uit om op creatieve en originele wijze met ons mee te doen. Hier zullen we af en toe iets vertellen over hoe het gaat.