De opstanding: alleen toekomstmuziek?

titanic_468x288Volgende week verschijnt een artikel van mijn hand in het blad Opbouw, opinieblad van de Nederlands Gereformeerde Kerken, over de opstanding van Jezus. In dat artikel doe ik een poging de gedachten van N.T. Wright over de opstanding weer te geven. Het artikel heet: De opstanding en (het orkest van) de Titanic.
Wat ik van Wright geleerd heb, en wat mij zo boeit, is het feit dat de opstanding van Jezus zo relevant is voor het leven van elke dag, niet alleen de toekomst, rondom of na de dood.
Ik ben van mening dat de kerk door de jaren heen (en nu heb ik het over de westerse kerk) niet in staat is geweest de opstanding relevant te maken voor het dagelijkse leven van hier en nu. Hoe we over de opstanding denken heeft vooral betrekking op de hoop en troost die wij mogen ervaren rondom het stervensbed en het graf van een geliefde. Dat is ook mijn ervaring in de kerk, als ik terugkijk op mijn (dienst)jaren in de kerk
Ik heb het zo verwoord in mijn artikel:
Staande op het dek van het zinkende schip krijgt de opstanding van Jezus een specifieke betekenis: Het is primair het bewijs dat er al iemand is die deze ramp heeft overleeft (troost) en het “onderpand” dat ik, als individu, in Hem en door geloof in Hem, ook ga overleven (hoop). Het blijft dan toch een wat ver van mijn bed show, een leerstuk dat voornamelijk vooruit kijkt, zonder makkelijk aanwijsbaar praktische implicaties voor vandaag, behalve als we om het graf van een dierbare iemand staan.

En toch aarzel je om zoiets te noemen in een kerkelijk blad. Zou dat echt zo zijn? Heb ik het bij het verkeerde eind? Misschien begrijp ik één en ander niet goed.

Vanochtend las ik een stuk in een kerkblad, over een prekenserie over het Christelijke geloof over de laatste dingen. Ik citeer een paar zinnen eruit:
Het christelijke geloof heeft een lange traditie van onderwijs over ‘de laatste dingen’. (…) De christelijke theologie zegt dat het juist bij thema’s rond dood en leven niet direct om ‘weten’ gaat, maar des te meer om ‘hopen’. (…) Die hoop dient niet om voor de realiteit weg te vluchten. Hoop doet leven, letterlijk. Je kunt er de gebroken realiteit beter door erkennen. Je krijgt er meer levensmoed van en uithoudingsvermogen. Je kunt het verlies van mensen om je heen beter dragen. En zelfs kan het je helpen om op je laatste dag in vrede te sterven.

Helemaal mee eens. Dit klopt, zo ervaar ik het zelf in mijn eigen leven en als voorganger, waarbij ik dan ook vaak de realiteit van ziekte en dood van dichtbij meemaak.

Het stuk eindigt met deze woorden:
In deze prekenserie worden geen laatste woorden gesproken. Wel laten we ons leiden door het woord van een theoloog: ‘wat in de kerk over dit thema gezegd wordt, is pas relevant als het helpt aan sterfbedden en op begrafenissen’.

Nou, dat bedoel ik dan. De leer over de “laatste dingen”, waarbij de opstanding dan ook een centrale rol speelt, is pas relevant wanneer dat moment van sterven aanbreekt.
In mijn artikel zeg ik het volgende:
Wright verwijst naar een opmerkelijke wending in het betoog van Paulus in 1 Korintiërs 15, hét hoofdstuk waarin de lichamelijke opstanding van Jezus verdedigd wordt, waarin hij stelt: als Jezus niet opgewekt is, is uw geloof nutteloos.
Helemaal aan het eind, vers 58, past Paulus deze leer toe. En hij heeft het dan niet over persoonlijke troost en hoop in een toekomstige goede afloop. Hij zegt: Kortom, geliefde broeders en zusters, wees standvastig en onwankelbaar en zet u altijd volledig in voor het werk van de Heer, in het besef dat door de Heer uw inspanningen nooit tevergeefs zijn. (…)
Hij roept op tot actie! Ga aan de slag! Ga een collecte houden voor de armen (16:1) – omdat Jezus is opgestaan!

De opstanding is voor Paulus de motivatie om ons nu in te zetten voor Gods Koninkrijk, en is dus niet pas relevant als het ons aan sterfbedden en op begrafenissen helpt.
Dat viel mij vanochtend op.
Ook om dat ik mij in deze weken bezig houd met nadenken en preken over de opstanding.

titanic-bow-railing

Advertenties

5 responses to “De opstanding: alleen toekomstmuziek?

  • josdouma

    Hoi Norman,

    Boeiend om even me te denken. Ik herken wel sterk dat het geloof überhaupt pas echt relevant wordt voor mensen als ze ziek worden of sterven of met sterven temaken krijgen.
    Maar als het gaat om de relevantie van de opstanding moet ik direct denken aan het door mij in elk geval veel geciteerde zinnetje uit antwoord op de vraag wat voor ons de waarde is van de opstanding van Christus in Zondag 17 van de Heidelbergse Catechismus:

    “Ten tweede worden ook wij door zijn kracht nu al opgewekt tot een nieuw leven.”

    Dit gaat dus zelfs vooraf aan het “ten derde” waar over de lichamelijke opstanding in heerlijkheid wordt gesproken.

    Bedoel je tegen deze achtergrond te zeggen dat het “ten tweede” uit dit klassieke antwoord dus absoluut niet functioneert in de prediking en de spiritualiteit van de (westerse) kerk?

  • Bram Wattèl

    Met wat Wright zegt over de betekenis van de opstanding voor juist het ‘hier en nu’ ben ik het van harte eens. En het krijgt zeker soms te weinig aandacht in ons leven als christenen. We zijn zeker soms te veel gericht op onze toekomst later (hoewel toch ook weer niet zó onbelangrijk…).
    Maar toch herken ik dat beeld dat Norman schetst, niet zo sterk. Niet alleen niet uit de ‘leer’ (zie wat Jos Douma citeert uit de HC), maar ook niet uit het leven van mijzelf en van mensen om mij heen. Ik ben opgegroeid in (streng) vrijgemaakte kring. Hoewel in Zeeland, toch niet bevindelijk (misschien wel wat te weinig). Het accent lag op bezig zijn voor ‘kerk, staat en maatschappij’. Activiteit (activisme) ten top. Best wel wat overdreven en met vast wel ‘onheilig vuur’. Maar zou dat bezig moeten zijn toch ook niet te maken hebben gehad met juist de betekenis van het koningschap van Jezus voor het hier en nu? Kuyper met zijn ‘geen duimbreed’? Natuurlijk, het was belangrijk dat je in de hemel zou komen, maar dat ging totaal niet ten koste van het hier en nu bezig zijn. Het lag in feite in elkaars verlengde (met overigens als valkuil het ‘verdienen’).
    En ook van mij zelf heb ik niet het idee dat in mijn leven de gerichtheid op later een barrière vormde voor het oog hebben voor het koningschap van Jezus hier en nu, laat staan een alibi vormde voor afzijdig blijven (en ik heb in mijn leven heel wat mogen doen). ‘Zoek vrede voor de stad’; juist na Pasen is dat geen hopeloze opdracht. Wel denk ik dat ik in de loop van de tijd meer oog heb gekregen voor de eenzijdigheid van de accentuering van de ‘theologie van het kruis’ (ondanks 1 Cor. 1 : 23); de ‘theologie van de glorie’ verdient daarnaast alle aandacht en is minstens zo motiverend.
    Die sterke gerichtheid op de betekenis van de opstanding voor ‘later’ zit, denk ik, wel wat in de bevindelijke richting en in de evangelische/pinksterhoek (hoewel tegenwoordig minder dan vroeger, als ik het goed zie), maar niet zo zeer in onze eigen gereformeerde traditie. Maar misschien lijd ik als ‘binnenstaander’ wel aan blikverenging.

  • Trijntje

    Ik herken ook niet het beeld dat de opstanding vooral voor het hiernamaals zou zijn.

    Ik ben opgegroeid in een oorspronkelijk vrijgemaakt gezin. In 1965 met mijn ouders mee lid geworden vanaf dag 1 van de Tehuisgemeente en nu nog steeds Nederlands Gereformeerd.

    In mijn studententijd lid geweest van de VGSA, later VCSA.
    Toen ik daar in 1972 “aankwam” was de vereniging al enige jaren niet meer een vrijgemaakt gereformeerde vereniging ( als reactie hadden de vrijgemaakte studenten de GSVA Petrus Plancius opgericht).

    Zeker op de VGSA was het Koninkrijk van God niet iets van alleen maar later. Het lastige in die tijd was wel dat je snel het verwijt kreeg van “horizontalistisch” geloof, als je aandacht vroeg voor mileuproblematiek, ontwikkelingshulp en dergelijke.
    We maakten dingen ook wel concreet, door bijvoorbeeld minder vlees te gaan eten. Om ongeveer dezelfde redenen die nu soms ook worden aangedragen om dat te promoten. Wat bij mij wel eens de verzuchting oproept: als toen iedereen eraan had meegedaan om één of twee keer per week geen vlees te eten….

    Maar ook bij mijn ouders was geloof zeker niet alleen iets voor de toekomst. Mijn moeder is bijvoorbeeld actief geweest in de ARP, in de tijd dat die nog niet was opgegaan in het CDA.

    Het besef dat het geloof betekenis heeft voor het leven op deze aarde is in ieder geval bij mij van jongs af aanwezig.

    Hoe dat is te verklaren hoort niet tot mijn deskundigheid.

    Ik zie nu in studentenvereniging Ichthus Amsterdam dat ook zij zich niet alleen bezig houden met bijbelstudie, maar ook met dingen als Present en Time to Turn.

  • Gerwin

    Hallo Norman,

    onderaan je weblog staat dat je nadenkt over de opstanding en dat je erover gaat preken. Ik ben benieuwd of je dat al hebt gedaan en of ik die zou kunnen beluisteren?

    Groeten Gerwin

  • Norman Viss

    Hoi Gerwin,
    Hier een paar links voor je:
    Voor de dienst op Eerste Paasdag zelf:
    http://petrakerkpreken.wordpress.com/op-weg-naar-pasen-jezus-en-darwins-losse-eindjes/pasen/

    Hier een link naar het artikel in Opbouw:
    http://www.opbouwonline.nl/artikel.php?id=326

    En een link naar kerkomroep.nl voor de diensten van de Petrakerk:
    http://www.kerkomroep.nl/#kerk.php?mp=10396

    Groeten,
    Norman

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: