Bange vraag

In zijn artikel van zaterdag jl. in het ND, vertelt ds. Ton de Ruiter iets over zijn ontdekkingsreis door de Bijbel, de theologie en de praktijk van zijn eigen leven en dat van de kerk(en).

Een spannende reis, totdat: de bange vraag opkwam: is onze gangbare leer dan wel goed?

Je voelt het al aankomen, mijn opmerking: waarom moet je, in de kerk, bang zijn om vragen te stellen over van alles en nog wat?

Ik bedoel: ik snap het wel. Je hebt met een traditie te maken, met een organisatie, met een groep mensen die ergens voor wil staan, met belangrijke zaken over (de zin en bestemming van) leven en dood, met een God die zich geopenbaard heeft.

Het is ook – natuurlijk – beangstigend wanneer een voetballer het niet eens is met de trainer, de manager met zijn CEO, de woordvoerster met haar partijvoorzitter.

Maar de “angst” waar de Ruiter het over heeft voelt als iets anders. Ook de gespannenheid waarmee wij het in de kerk hebben over belangrijke onderwerpen. Het benieuwt mij nog altijd wat dat is, en waar het vandaan komt.

Want iedereen die het niet met de Ruiter eens is wil duidelijk maken dat de verzoening het hart van het evangelie is.

Als verzoening meer praxis is dan leer (Boele Ytsma: verzoening moet je DOEN!), dan moet het kunnen dat je in de kerk alles, ook de verzoening zelf,  zonder angst – en met verzoening als vrucht – moet kunnen bevragen.

Advertenties

3 responses to “Bange vraag

  • ad de boer

    Beste Norman,

    Je stelt een indringende vraag: waarom moet je in de kerk bang zijn om vragen te stellen over van alles en nog wat?
    Bang moet je er volgens mij niet voor zijn, wel voorzichtig om dat publiek te doen, zeker rond tere thema’s of als het om het hart van ons heil gaat. Om een paar redenen in elk geval.
    – Omdat je niet maar in je eentje, maar sámen kerk bent, het Evangelie niet pas bij jou (of bij mij) begint en we als feilbare mensen, ook in ons verstaan van Gods Woord en wil, elkáár nodig hebben.
    – Omdat je – als predikant – een herder bent die de kudde de weg wijst, de schapen voorgaat in het spoor van de Goede Herder, niets liever wilt dat ze in dat spoor blijven en je steeds afvraagt: breng ik de kudde door wat ik zeg, preek of schrijf in verwarring. Of erger: van het goede spoor af. Zeker als het om de verzoening – het hart van het Evangelie gaat -.
    – Omdat je beloofd hebt, toen je predikant werd, om met je mogelijke bedenkingen tegen de leer van de kerk (dat is toch even anders dan een ‘traditie’) de afgesproken weg te gaan; zie ook de weblog van Bert Loonstra (CGK en waarlijk niet bang om kritische vragen te stellen en nieuwe antwoorden te geven): http://www.bertloonstra.nl/site/index.php?weblog_id=56

    En ja, een kerk die leeft van de verzoening, heeft die verzoening ook uit te leven. En ja, daarin gaat het regelmatig mis. Maar als ik alle publieke reacties op de ambtsneerlegging van Ton de Ruiter totnogtoe taxeer, dan treft me daarin de liefdevolle toon, de uitgestoken hand, de erkenning van de sterke kanten in De Ruiter’s visie en van de tekorten in het kerkelijk denken. Weinig angst dus, geen kerkelijke brandstapels, maar – met oog voor de kudde en met respect voor gedane beloftes en gemaakte afspraken – zoeken naar wat het Woord van God werkelijk zegt.

  • Norman Viss

    Beste Ad,
    Dank voor je reactie.
    Een paar gedachten:
    Er is zoveel angst in kerkelijke kringen onder mensen – om allerlei redenen, maar ook omdat mensen niet durven zeggen c.q. vragen wat ze op hun hart hebben, waar ze tegenaan lopen als ze de Bijbel lezen.
    Dat woord “bang” is niet door mij gebruikt, maar door Ton zelf. Kijk ook op de weblog van Boele Ytsma n.a.v. zijn deelname aan het programma Herberg de Verandering. http://boelepytsma.blogspot.com/2008/12/leeshulp-voor-zoekers.html
    Je kunt zeggen: bang moet je niet zijn. Het feit is, dat sommige mensen (velen?) dat wel zijn. En gekwetst.
    Ik wil graag dat we daar over nadenken met elkaar. Waarom is dat? Is dat goed? Willen we dat? Past dat binnen de Bijbelse boodschap? Hoe verhoudt dat zich tot de ‘verzoening’?
    En jij geeft de oude, bekende, geijkte antwoorden, de antwoorden uit de geschiedenis, uit andere tijden.
    Die hoeven daarom niet fout te zijn, maar ergens denk ik dat we meer moeten hebben, zeker in deze tijd. (Let op: ik zeg bewust meer, om aan te geven dat we deze antwoorden niet weg doen, maar erop voort mogen bouwen.)
    Ik pleit voor het eerlijk onder ogen brengen van de angsten die onder ons leven, en onszelf afvragen of dat bij het Evangelie past. En, wanneer we constateren dat in de liefde geen ruimte voor angst moet zijn, doen wat nodig is om dat werkelijkheid te laten worden. Ik realiseer me dat het ingewikkeld is, en niet één twee drie op te lossen is. Maar om alleen een beroep te doen op wat we uit het verleden kennen bevredigd mij niet helemaal.
    Want de bottom line is: Ds. de Ruiter is niet op de kerkelijke of letterlijke brandstapel beland. Dat is vooruitgang. Maar hij denkt en zoekt ook niet meer met ons mee. De verzoening heeft dus niet volledig onder ons haar kracht kunnen laten zien. En dat stel ik aan de orde.

  • ad de boer

    Dag Norman,

    Het is me nog niet zo vaak overkomen dat ik overkom als iemand die ‘oude, bekende, geijkte’ antwoorden uit ‘het verleden’ geeft. Daar zullen ze bij ons in de gemeente of bij mijn vroegere werkgever van opkijken. Ik herken me daar niet echt in, maar iets kort neerzetten in een blogreactie brengt dat risico kennelijk mee.

    Ik ben blij met vernieuwers in de kerk: in de liturgie, in vormen, maar ook in denken. Ik geniet van de weblog en boeken van iemand als Bert Loonstra: hij denkt en zegt nieuwe dingen (loopt daar helaas soms ook klappen door op), maar probeert in hoe én waar hij de dingen zegt en schrijft, ook steeds te denken: hoe bouw ik de gemeente van Christus? Wat ik van Hans Burger las, lijkt hij me daar ook een voorbeeld zeggen: vanuit het Woord van God nieuwe schatten opdiepen met het oog op het bouwen van de gemeente.

    Ik realiseer me dat er – niet bij Loonstra, wel bij anderen – ookangst is om te zeggen wat je denkt. En ik vind dat er plekken moeten zijn waar predikanten c.a. hun vragen kunnen stellen, hun verhaal kunnen delen. En als die plekken er niet zijn, moeten ze er komen. Maar juist omdat predikanten ook voor-gangers zijn van de gemeente, moet tegelijk de zorg voor de kudde aandacht hebben. Daarvoor zijn er ook die afspraken war ik naar verwees: niet uit en voor een grijs verleden, maar ook anno 2008 zegenrijk en heilzaam. Het is niet of-of, maar en-en wat mij betreft. En vragen stellen, nieuwe schatten opdiepen én oog hebben voor de gemeente van de Heer.

    In verbondenheid,

    Ad

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: